De huidige wetgeving kent de volgende acht ontslaggronden:

  • Bedrijfseconomische redenen
  • Langdurige ziekte (104 weken)
  • Frequent verzuim met onaanvaardbare gevolgen voor de bedrijfsvoering
  • Disfunctioneren
  • Verwijtbaar handelen of nalaten
  • Werkweigering wegens gewetensbezwaar
  • Verstoorde arbeidsverhouding
  • Andere zodanige omstandigheden dat van de werkgever niet gevergd kan worden de arbeidsovereenkomst voort te zetten.

De ontslagzaken die betrekking hebben op ontslaggronden a en b vinden plaats bij het UWV. De ontslagzaken die betrekking hebben op de overige gronden, vinden plaats bij de kantonrechter door middel van een ontbindingsverzoek.

Deze lijst is limitatief. Iedere grond moet op zichzelf voldoende zijn om de arbeidsovereenkomst te kunnen beëindigen. De WAB brengt verandering in dit cumulatieverbod.

De WAB introduceert een extra ontslaggrond waarop het ontbindingsverzoek bij de kantonrechter gebaseerd kan worden: de i-grond, ofwel de cumulatiegrond. Deze extra grond maakt het mogelijk om voornoemde ontslaggronden (c tot en met h) te mixen. De i-grond houdt in dat een combinatie van omstandigheden genoemd in twee of meer van deze gronden voldoende is om een arbeidsovereenkomst te ontbinden, mits de omstandigheden zodanig zijn dat van de werkgever in redelijkheid niet kan worden gevergd de arbeidsovereenkomst te laten voorduren.

Er moeten omstandigheden uit ten minste twee van de genoemde ontslaggronden aan de orde zijn. De rechter beoordeelt of de combinatie van omstandigheden zodanig is dat ontslag gerechtvaardigd is.

De nieuwe i-grond is direct van toepassing op alle ontbindingsverzoeken die zijn ingediend op of na de inwerkingtreding van de WAB op 1 januari 2020.

Dit artikel is geschreven door mr. Fleur Havers