Het aanmaken van een WhatsApp groep als werknemer is niet vrijblijvend als er een geheimhoudingbeding in het spel is. De Rechtbank Gelderland heeft een boete van € 7.000,- opgelegd aan een werknemer, die met het aanmaken van een WhatsApp-groep zijn geheimhoudingsverplichting schond. 

Deze zaak gaat over een werknemer, waarvan de arbeidsovereenkomst in gezamenlijk overleg op grond van een vaststellingsovereenkomst is geëindigd. Het geheimhoudingsbeding in de arbeidsovereenkomst bleef van kracht. De werknemer was verplicht alle bijzonderheden werkgevers zaak betreffende of daarmee verband houdende geheim te houden. Dit beding was dus ruim geformuleerd.

Na een aantal maanden treedt de werknemer in dienst bij een bedrijf, die in dezelfde branche, land- en tuinbouw werkzaam is. De werknemer ontvangt van zijn nieuwe werkgever een nieuwe mobiele telefoon, die hij vier dagen na zijn indiensttreding vult met een nieuwe WhatsApp-groep. Deze WA-groep, die de werknemer heeft gemaakt toen hij in een pauze zat ‘te klooien’, was zichtbaar voor een groep van 135 deelnemers. Deze deelnemers omvatten klanten van zijn oude werkgever, oud-collega’s van deze werkgever, nieuwe collega’s en personen uit zijn privékring.

De oud werkgever komt het bestaan van deze WA-groep ter ore en neemt geen genoegen met deze gang van zaken. Kennelijk is er bij een WA-deelnemer een belletje gaan rinkelen. De zaak komt voor de rechter. De kantonrechter oordeelt dat een verzameling van data, zoals namen en/of logo’s in combinatie met telefoonnummers van klanten van de oude werkgever heeft te gelden als een ’bijzonderheid’ zoals genoemd in het geheimhoudingsbeding. Deze informatie is gevoelig en is met het aanmaken van de WA-groep op straat gekomen. Het verweer van de werknemer dat de groep niet actief wordt gebruikt en/of de deelnemers inmiddels de groep hebben verlaten mag niet baten. Relevant is dat de verzameling van gegevens zichtbaar is geworden voor de groep van 135 deelnemers.

De oud werkgever heeft met succes naar voren gebracht dat het gegeven dat (enkel) een dergelijke dataverzameling, die zijn bedrijfsvoering aangaat en voor derden tot oneindig beschikbaar is voor hem schadelijk is. Dat is voor de rechter de reden geweest om te oordelen dat de boete verschuldigd is. Niet is komen vast te staan of door het bestaan van de WA-groep de oude werkgever daadwerkelijk financieel heeft gedupeerd. De rechter heeft de boete van € 25.000,- gematigd naar € 7.000,-, omdat de werknemer een gezin te onderhouden heeft, zodat het bezwaarlijk voor hem is de volledige boete te betalen.

Geheimhouding strekt verder dan je op het eerste gezicht zou denken.

Dit artikel is geschreven door mr. Brigitte Siesling